“Hallo, met Simba. Ik zoek een coach.”

Dit is het vervolg op dit blogartikel, waarin ik de theorie van de Psychologie van de Ikken illustreer aan de hand van The Lion King. Lees deze eerst om de beeldspraak goed te kunnen volgen.

Dus stel: Simba komt bij mij in coaching. Zijn dilemma: “blijf ik veilig bij Timon en Pumba, of ga ik mee met Nala terug naar Koningsland om te vechten om het koningschap?”. Zijn routine is lekker blijven hangen in het ‘hakuna matata’, maar toch knaagt er iets van binnen. Wat te doen?

Ga even mee in de verbeelding, en lees verder alsof ik met Simba in gesprek ga net zoals ik dat met iedere andere cliënt zou doen. Hij zit dus voor mijn neus op een (grote) stoel. Hoe zou ik te werk gaan als facilitator? (Nadat ik mijn collega’s in het Coachhuis heb gewaarschuwd dat mijn cliënt voor de middag een 3d-geanimeerde leeuw is).

Allereerst zou ik Simba vragen welk deel op dit moment het sterkst op de voorgrond staat. De kans is groot dat dit het stuk is dat wil dat hij veilig bij Timon en Pumba blijft. Ik zou Simba uitnodigen om een plekje in de ruimte te kiezen voor dit deel.

Hakuna Matata!

“Welkom! Ik heb begrepen dat jij het deel bent dat graag wil dat Simba veilig bij Timon en Pumba blijft, klopt dat?” Zoiets zou ik zeggen om het Voice Dialogue-gesprekje met dit deel op te starten. Merk op dat ik dus met het deel praat “over” de cliënt. Vervolgens stel ik een aantal vragen om het deel wat beter in kaart te brengen:

  • Hoe voel jij aan? (“Ik ben heel vrolijk, ontspannen, maak me nergens druk om.”)
  • Waar hou jij je zoal mee bezig in het leven van Simba? (“Niet te veel eigenlijk, eten, slapen en aan mezelf denken. Vooral niet te diep nadenken over het leven. Hakuna Matata.”)
  • Hoe vaak ben jij aanwezig in zijn leven? (“Zo’n beetje altijd eigenlijk, tot voor kort tenminste.”)

Wat ik in mijn achterhoofd houd, is dat het hier waarschijnlijk gaat om een Primair deel, dat ik wil honoreren voor zijn functie in het leven van Simba. Heel misschien bereiken we dan de onderliggende kwetsbaarheid en kan er wat ruimte komen. Dus ik vraag…

  • Hoe belangrijk ben jij als deel voor Simba? (“Heel belangrijk. zonder mij zou hij het niet redden.”)
  • Waar ben jij bang voor? Wat zou er kunnen gebeuren als jij er niet voor hem zou zijn? (Dan zou hij buiten de groep vallen, en kan hij niet meer blijven. Dan is het niet meer veilig voor hem.)
  • Hoe lang ben jij al in het leven van Simba? (“Ik ben gekomen dankzij Timon en Pumba. Simba was er heel slecht aan toe toen ze hem vonden. Het leven had eigenlijk helemaal geen zin meer voor hem, hij was verdrietig en schaamde zich ontzettend voor de dood van zijn vader. Dankzij mij, dankzij Hakuna Matata, kon hij verder met zijn leven.”
  • Ik zie inderdaad dat kleine leeuwtje voor me, zo verdrietig en alleen. Dat moet heel zwaar zijn geweest. Dankzij jou kon hij de draad weer oppakken. Ik zie dat jij veel voor hem hebt gedaan.

Hier krijgen we een klein inkijkje in de onderliggende kwetsbaarheid. Het kleine, verdrietige leeuwtje voor wie het te pijnlijk was om de waarheid te voelen en voor wie de Levensgenieter in de bres sprong. Het is belangrijk dat Simba dit verdrietige stuk leert kennen en leert er vanuit de middenpositie, het volwassen perspectief, voor te zorgen.

Ik bedank het Primaire stuk voor zijn tijd. Door zo met het deel te praten, voelt het zich gehoord en is de kans groter dat er ruimte komt om ook de andere kant toe te laten. Nadat dit Primaire deel is uitgesproken, nodig ik Simba uit om weer terug te komen zitten op zijn stoel. Ik vraag:

  • Wat ervaar je nu je weer hier zit en wat afstand hebt tot aan dit deel? (“Nou, dat dat stuk echt heel groot is zeg… Zonder hem had ik het inderdaad niet gered vroeger. Maar ik merk dat er nu ook iets heel anders doorheen komt, dat het tegenovergestelde wil.“)

Opnieuw vraag ik Simba om een plekje te zoeken voor dit tweede deel dat nu duidelijk om aandacht vraagt. Stel je voor dat er net een grote luie kat in een hoek van de kamer zat (met een glimp van het verdrietige leeuwtje) en dat er nu opeens een krachtige, volwassen leeuw een plek in de ruimte inneemt. Een hele andere energie, veel krachtiger.

Dat is wel even een heel ander deel dat in de coachruimte staat…
  • Welkom! Jij bent een heel ander deel dan het deel dat we net hebben gesproken… wil je eens iets over jezelf vertellen? (“Ik weet niet heel goed wie ik ben, want ik ben er niet zo vaak. Maar ik heb wel zin om te brullen! Dat kan ik ook heel goed, luister maarrrrrrr!!!)
  • Jij hebt heel veel kracht in je he! Je lijkt ook wel boos. (“Ik ben ook boos! Ik ben helemaal klaar met dat luieren. Hij is een leeuw verdorie, de koning van het dierenrijk! Het wordt tijd dat hij teruggaat en zijn oom eens laat zien wie de baas is.“)
  • Wat jou betreft gaat Simba terug naar Koningsland. Helder. Ben jij wel eens bang? (“Ik, bang? Ik ben nergens bang voor. Maar ik ben wel wijs. Ik zal niet vechten als het niet nodig is, en nooit doden voor het plezier.”)
  • Phew, gelukkig – zeg ik zwetend en bibberend in mijn stoeltje 😉

Nadat ik ook dit deel heb bedankt komt Simba nog een keer terug op zijn stoel zitten. Ik geef hem de tijd om te ervaren hoe het is om tussen deze twee verschillende energieën in te zitten. Laat hem vervolgens nog eens vanaf een afstandje naar een samenvatting van de hele sessie kijken. Alles met het doel dat Simba bewuster kan omgaan met de tegengestelde delen in hem en ruimte voor allebei kan maken. Ik geef dus geen advies, maar laat het proces zijn werk doen.

We spreken af dat we de factuur laten zitten (“Ik heb geen geld, maar kan je wel betalen in antilopes?”) en dat hij mijn visitekaartje mag doorgeven aan anderen in zijn netwerk (“Als Pumba nou ook eens bij jou in coaching kwam…!”). En hoe het is afgelopen met Simba’s dilemma? Dat hebben we allemaal in de bioscoop kunnen zien. 🙂